Nieuws

Bij deze site verschijnen tweets en een nieuwsbrief. De volgende berichten zijn eerder verschenen in de nieuwsbrief.

De nieuwsbrief verschijnt onregelmatig, naar verwachting ca. vijf keer per jaar. Naast meldingen van mutaties op deze site bevat de nieuwsbrief (gast-)artikelen, opinies, en aankondigingen over keurmerken en certificatie.

U kunt zich abonneren door de onderstaande velden in te vullen. Alleen het mailadres is verplicht. We gebruiken uw mailadres nergens anders voor, en u kunt zich in elke nieuwsbrief met twee klikken weer afmelden.

Druk op Inschrijven, dan ontvangt u binnen enkele minuten op het ingevulde mailadres een verzoek om uw inschrijving te bevestigen. Mogelijk belandt dit verzoek in uw spambox.

Mutaties op de site tot en met januari 2023

Sinds de lancering van de website (aug. 2022) zijn de volgende mutaties doorgevoerd:

alsmede enkele verbeteringen van minder belang.

Inspectie Leefomgeving en Transport verliest vertrouwen in certificaten (januari 2023)

Maatregelen voor verbetering zijn eenvoudig door te voeren

In de uitzending van Nieuwsuur op 26 januari 2023 meldt de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) dat men twijfelt aan de kwaliteit van de certificaten waarop de dienst doorgaans vertrouwt. Daardoor is de veiligheid in de sectoren waar de ILT op toeziet niet gegarandeerd. Dit probleem speelt niet alleen in de leefomgeving en bij transport, maar overal waar de overheid certificatie inzet als ondersteuning van het toezicht.

Het ministerie van Economische Zaken heeft het overheidsbeleid in 2016 voor het laatst uiteengezet in het zogeheten kabinetsstandpunt over certificatie en accreditatie. Deze nota is een verdienstelijke beschrijving van de status quo, maar brengt de rommelige uitvoeringspraktijk niet op een hoger plan. Zelfs een eerdere noodkreet van drie grote toezichthouders, waar onder de ILT, werd minzaam genegeerd. De calamiteiten die Nieuwsuur nu aanvoert als onderbouwing van falend overheidstoezicht zijn onderdeel van een lange reeks incidenten, die al eerder zijn geanalyseerd, onder andere door de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Tot op heden heeft dit niet geleid tot een krachtige aanpak van de gebreken in het stelsel van certificatie als onderdeel van het overheidstoezicht.

Om de belangrijkste gebreken te herstellen zijn niet eens grote ingrepen nodig, zie ook de Conclusies en aanbevelingen op deze site:

  • Stop met de variant systeemcertificatie als onderdeel van het overheidstoezicht. Deze variant ziet niet toe op de resultaten (producten, diensten), maar op de interne organisatie van de certificaathouder, en laat teveel ruimte voor window dressing.
  • Beperk de concurrentie tussen certificatie-instellingen. Wijs per beleidsterrein slecht één bevoegde instelling aan; dat voorkomt dat certificaathouders op zoek gaan naar de soepelste certificeerder.
  • Verbeter de informatie-uitwisseling tussen de rijkstoezichthouder en de certificatie-instellingen. Schakel de wettelijke inperkingen hiervan (o.a. vertrouwelijkheid) uit in het aanwijzingsbesluit.
  • Draag de Raad voor Accreditatie (RvA, een bij wet ingesteld zelfstandig bestuursorgaan) op de certificatie-instellingen beter te controleren. De instrumenten hiervoor zijn beschikbaar en bewezen effectief, maar de RvA is huiverig om ze toe te passen.

Deze maatregelen kunnen snel worden doorgevoerd, bijvoorbeeld met behulp van een model-besluit dat bij elke aanwijzing van een certificatie-instelling verplicht wordt toegepast.

Uit de samenvattingen op deze site van product-, systeem– en persoonscertifcatie blijkt dat de ministeries zich sinds 2016 weinig hebben aangetrokken van het kabinetsstandpunt over certificatie en accreditatie. Het overheidstoezicht op de veiligheid is toen deels uitbesteed aan de private markt, echter zonder de daarvoor essentiële regiefunctie voor de overheid in te vullen, laat staan dat de regie is genomen. Deze vrijblijvendheid moet nu snel worden opgeheven.

Inspectie Leefomgeving en Transport verliest vertrouwen in certificaten (januari 2023)

Maatregelen voor verbetering zijn eenvoudig door te voeren

In de uitzending van Nieuwsuur op 26 januari 2023 meldt de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) dat men twijfelt aan de kwaliteit van de certificaten waarop de dienst doorgaans vertrouwt. Daardoor is de veiligheid in de sectoren waar de ILT op toeziet niet gegarandeerd. Dit probleem speelt niet alleen in de leefomgeving en bij transport, maar overal waar de overheid certificatie inzet als ondersteuning van het toezicht.

Het ministerie van Economische Zaken heeft het overheidsbeleid in 2016 voor het laatst uiteengezet in het zogeheten kabinetsstandpunt over certificatie en accreditatie. Deze nota is een verdienstelijke beschrijving van de status quo, maar brengt de rommelige uitvoeringspraktijk niet op een hoger plan. Zelfs een eerdere noodkreet van drie grote toezichthouders, waar onder de ILT, werd minzaam genegeerd. De calamiteiten die Nieuwsuur nu aanvoert als onderbouwing van falend overheidstoezicht zijn onderdeel van een lange reeks incidenten, die al eerder zijn geanalyseerd, onder andere door de Onderzoeksraad voor Veiligheid. Tot op heden heeft dit niet geleid tot een krachtige aanpak van de gebreken in het stelsel van certificatie als onderdeel van het overheidstoezicht.

Om de belangrijkste gebreken te herstellen zijn niet eens grote ingrepen nodig, zie ook de Conclusies en aanbevelingen op deze site:

  • Stop met de variant systeemcertificatie als onderdeel van het overheidstoezicht. Deze variant ziet niet toe op de resultaten (producten, diensten), maar op de interne organisatie van de certificaathouder, en laat teveel ruimte voor window dressing.
  • Beperk de concurrentie tussen certificatie-instellingen. Wijs per beleidsterrein slecht één bevoegde instelling aan; dat voorkomt dat certificaathouders op zoek gaan naar de soepelste certificeerder.
  • Verbeter de informatie-uitwisseling tussen de rijkstoezichthouder en de certificatie-instellingen. Schakel de wettelijke inperkingen hiervan (o.a. vertrouwelijkheid) uit in het aanwijzingsbesluit.
  • Draag de Raad voor Accreditatie (RvA, een bij wet ingesteld zelfstandig bestuursorgaan) op de certificatie-instellingen beter te controleren. De instrumenten hiervoor zijn beschikbaar en bewezen effectief, maar de RvA is huiverig om ze toe te passen.

Deze maatregelen kunnen snel worden doorgevoerd, bijvoorbeeld met behulp van een model-besluit dat bij elke aanwijzing van een certificatie-instelling verplicht wordt toegepast.

Uit de samenvattingen op deze site van product-, systeem– en persoonscertifcatie blijkt dat de ministeries zich sinds 2016 weinig hebben aangetrokken van het kabinetsstandpunt over certificatie en accreditatie. Het overheidstoezicht op de veiligheid is toen deels uitbesteed aan de private markt, echter zonder de daarvoor essentiële regiefunctie voor de overheid in te vullen, laat staan dat de regie is genomen. Deze vrijblijvendheid moet nu snel worden opgeheven.

Keurmerken en convenanten tegen moderne slavernij (december 2022)

Een goede bestemming voor het geld van herstelbetalingen

In de actuele discussie over ons slavernijverleden is het politiek correct om ook te verwijzen naar de hedendaagse vormen van slavernij, zoals kinderarbeid, mensenhandel en slechte arbeidsomstandigheden. Om deze praktijken tegen te gaan zijn onder andere keurmerken, convenanten en ranglijsten ontwikkeld, zoals:

In brede zin gaat het om maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO), waar ook natuurbehoud, milieubescherming en dierenwelzijn onder vallen. Dergelijke vormen van zelfregulering hebben als voordeel boven wetgeving dat ze de hele productie- en toeleveringsketen kunnen bestrijken, ook als die begint in een ver buitenland.

De laatste jaren is uit evaluatiestudies echter gebleken dat de effectiviteit van veel zelfregulering op het MVO-gebied beperkt is (SOMO 2018, Greenpeace 2021, KIT 2021). Een gemeenschappelijk probleem is dat in de productielanden vaak geen basisniveau van wetgeving, toezicht en handhaving aanwezig is waar de private initiatieven op kunnen leunen; ook intimidatie en corruptie zijn niet ongebruikelijk. Daardoor kan het toezicht niet grondig worden uitgevoerd, ook omdat consumenten niet bereid zijn de meerprijs van stevig toezicht te betalen.

Het lijkt dan wenselijk om de criteria op te nemen in wetgeving, maar die strekt zich niet altijd uit tot het begin van de keten. Als de keten geheel binnen de EU ligt is het toezicht op de betrokken bedrijven meestal wel effectief, en kan een keurmerk voor arbeidsomstandigheden zelfs worden opgenomen in wetgeving. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid past dit al veelvuldig toe, en introduceert binnenkort een verplicht keurmerk om malafide uitzendbureaus aan te pakken. Maar als het productieproces begint in een ontwikkelingsland, is nationale of Europese wetgeving meestal geen effectieve oplossing.

Als er herstelbetalingen beschikbaar komen om de excuses voor ons slavernijverleden kracht bij te zetten, dan kunnen deze het beste worden besteed aan versterking van de initiatieven om hedendaagse slavernij te bestrijden. In onze contreien zijn keurmerken en convenanten in het algemeen behoorlijk effectief, en voor moderne slavernij is dat met extra fondsen voor lokale controles goed uit te breiden naar minder ontwikkelde regio’s.

Andere vormen van certificatie

Naast de traditionele keurmerken zijn er ook certificaten die worden uitgereikt voor de bedrijfsvoering van organisaties in de productie- en toeleveringsketen. Deze zijn gebaseerd op normen voor systeemcertificatie, zoals ISO 26000 voor maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO). In plaats van criteria voor de producten en diensten die de organisatie levert (inclusief eisen aan het productieproces) bevatten dergelijke normen criteria voor de interne organisatie (ook wel: het managementsysteem). Door de speelruimte die de organisatie aldus heeft om zelf haar output en de productiewijze te definiëren, leent systeemcertificatie zich bij uitstek voor greenwashing en window dressing – op z’n oud-Hollands: goede sier maken. Dit intrinsieke manco van systeemcertificatie is toegelicht onder Beperkingen van systeemcertificatie in het hoofdstuk Conclusies van deze site. Voorbeelden die mede betrekking hebben op arbeidsvoorwaarden en kinderarbeid zijn de MVO-prestatieladder en de MVO-wijzer.

Een lichte vorm van systeemcertificatie zijn de zogeheten zelfverklaringen, waarin organisaties toelichten hoe ze voldoen aan een norm voor systeemcertificatie. Een voorbeeld in de sfeer van MVO is te vinden op de website van NEN. Omdat hierbij alleen de tekst van de verklaring wordt getoetst door een onafhankelijke organisatie, is dit nog zwakker dan een regulier systeemcertificaat.

Conclusie

Samengevat kunnen traditionele keurmerken en convenanten effectief bijdragen aan het tegengaan van moderne slavernij. In landen met zwakke systemen voor toezicht en handhaving moeten de controles nog wel worden versterkt; hiervoor kunnen de herstelbetalingen worden ingezet. Wetgeving is ook een mogelijkheid, maar dat is niet altijd effectief als de toeleveringsketen begint in een ver buitenland. Systeemcertificatie laat teveel ruimte voor greenwashing en window dressing, en zelfverklaringen zijn helemaal ongeschikt om een rol van betekenis te spelen.

Waarin verschilt deze site van veel andere? (bijlage bij persbericht augustus 2022)

Opzet en inhoud van ‘Keurmerken en certificatie in Nederland’

Om te beginnen presenteert deze site de drie hoofdvormen product-, systeem- en persoonscertificatie in een gemeenschappelijk kader, dat uitgaat van de behoeften van de eindgebruiker (consument, afnemer, contractpartner). Ook komen de bedreigingen van de effectiviteit aan de orde: welke factoren ondermijnen het vertrouwen dat keurmerken en certificaten bij de doelgroep willen bewerkstelligen.

Een veel gehoorde klacht is dat de ‘wildgroei’ van keurmerken verwarring in de hand werkt, en daarom moet worden bestreden. Dit beeld is echter te ongenuanceerd. De werkelijke wildgroei komt van pseudo-keurmerken, die niet meer zijn dan een marketing-instrument, en dus moeten verdwijnen. Daarnaast zijn er veel serieuze, maar concurrerende certificaten voor eenzelfde product of dienst. Deze voorzien wel in een informatiebehoefte, maar moeten uiteindelijk samengaan of overbodig worden gemaakt door nieuwe wet- en regelgeving.

Helaas komen met enige regelmaat incidenten in het nieuws waaruit blijkt dat certificatie heeft gefaald. Op deze site worden de zwakke plekken in de certificatietrajecten geanalyseerd, en voorzien van suggesties om er wat aan te doen. Zo kan persoonscertificatie, waar veel aandacht is voor eerlijk verlopende examens, dienen als voorbeeld voor de keuringen en audits bij product- en systeemcertificatie. Ook de internationaal opererende accreditatie-instantie Iseal past methoden van toezicht en handhaving toe die navolging verdienen.

Op basis van een analyse van de werking van systeemcertificatie (denk aan ISO 9001) wordt de meerwaarde van deze certificatievorm ter discussie gesteld. Ook omdat het niet gaat over de output (producten, diensten) van de gecertificeerde organisatie, maar over de bedrijfsvoering (het managementsysteem), is systeemcertificatie alleen zinvol in contractuele situaties met een mondige afnemer, of voor het louter bewerkstelligen van een kwaliteitscultuur. In andere situaties wekt een systeemcertificaat verkeerde verwachtingen, wat het vertrouwen in certificatie teveel ondermijnt.

Een groot deel van de keurmerken en certificaten in Nederland opereert zonder accreditatie, en krijgt daardoor weinig aandacht. Veel serieuze certificaten kunnen (nog) niet voldoen aan de strenge accreditatie-eisen, die zijn ontwikkeld voor veiligheids- en gezondheidsaspecten, en toepassing in het kader van wet- en regelgeving. Op deze site krijgen zulke certificaten wel aandacht. Voorgesteld wordt een light-versie van het accreditatieregime in te voeren, zodat ook zij hun gezag kunnen onderstrepen met een onafhankelijk predicaat. Met vereenvoudigde procedures en lagere kosten kan accreditatie-light een flinke zet geven aan de professionalisering van de certificatiebranche en het vertrouwen in keurmerken en certificaten. Veiligheids- en gezondheidsaspecten moeten onder het reguliere accreditatieregime blijven vallen.

Veel consumenten beschouwen het bekende CE-teken als een keurmerk, maar alle deskundigen roepen om het hardst dat het dat niet is. Formeel hebben ze gelijk, maar op deze website wordt het CE-teken toch als keurmerk behandeld. Daarvoor is niet meer nodig dan te spreken over certificatie met gedistribueerde verantwoordelijkheden. Met dit concept kunnen – naast het CE-merk – ook kwalificatieregisters, de APK-keuring, en diverse andere keurmerkachtige stelsels worden geanalyseerd vanuit het perspectief van de gebruiker.

Tot slot wordt bepleit dat de Nederlandse overheid haar beleid rond het gebruik van certificatie als ondersteuning van wet- en regelgeving flink aanscherpt, en verplicht oplegt aan de ministeries. De huidige praktijk brengt de bijdrage van certificatie aan de naleving van wet- en regelgeving niet op een hoger plan. Ook een aantal rijkstoezichthouders stelt dat private certificatie hun werk veel effectiever zou kunnen ondersteunen dan nu gebeurt. In het beroepsonderwijs, waar de Raad voor Accreditatie slechts een bescheiden rol speelt, verdient de Examenkamer een steviger positie bij het toezicht op examens die onderdeel zijn van wet- en regelgeving.

Nieuwe website over keurmerken en certificatie (persbericht augustus 2022)

Hoe is het begonnen, hoe werkt het, en hoe kan het beter?

Over keurmerken en certificatie is al veel geschreven, maar een samenhangend verhaal over nut en noodzaak is moeilijk te vinden. Een geïnteresseerde burger, of iemand die nieuw is in het vak, belandt al gauw in technische verhandelingen over keuringseisen en accreditatie, of gelikte reclame van adviseurs en certificatie-instellingen. Meestal gaat het alleen over één of enkele certificaten, zonder verbinding met andere werkvelden, laat staan met een overkoepelende visie op keurmerken en certificatie. Met de nieuwe website Keurmerken & certificatie in Nederland komt hier verandering in.

De site begint met een overzicht van het werkterrein, gezien vanuit de gebruiker van keurmerken en certificatie. Ook de negatieve bijverschijnselen, zoals wildgroei van logo’s en onterecht verleende certificaten, worden benoemd en in context geplaatst. Vanuit dit perspectief gaat de site verder met uitleg over de drie hoofdvormen van certificatie (product-, systeem- en persoonscertificatie), en analyses van hun sterke en zwakke kanten. Ook de inzet van certificatie in het kader van wet- en regelgeving komt uitgebreid aan bod.

Er is ook aandacht voor de geschiedenis van keurmerken en certificatie in Nederland. Rond 1900 begon het met de private keurmerken ‘Bondshotel’ van de ANWB en ‘Groenzegel’ van de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen. De overheid lanceerde in die tijd het ‘Botermerk’ en het ‘Kaasmerk’ om gesjoemel met de export te bestrijden. Persoonscertificatie ging al eerder van start, met de Wet op het middelbaar onderwijs (1863) en de daarbij horende examens. Systeemcertificatie kwam pas na de Tweede Wereldoorlog op.

Tien jaar geleden zou deze tekst zijn uitgegeven als leerboek, maar wie koopt er tegenwoordig nog een boek? Willem van Weperen, de auteur van de site, zegt hierover: “We zijn niet uit op omzet, maar op bereik. De site eindigt met een reeks aanbevelingen hoe het beter kan, en we hopen dat zoveel mogelijk certificeerders en beleidsmakers hierdoor worden geïnspireerd.”

De verantwoordelijke uitgever is de stichting ONM, die als doel heeft het bevorderen van activiteiten op het gebied van advies, keuring en certificaten. De stichting beheert sinds 1998 de aandelen van de B.V. Keurmerkinstituut. De website staat inhoudelijk geheel los van het Keurmerkinstituut.

Skip to content